Behandeling van tumoren van de ogen

Vaatvliesmelanomen

Vaatvliesmelanomen (AHM) zijn tumoren die in de ogen ontstaan. Zij gaan uit van de vaat- en melanocytenrijke choroïdea, die zich onder het netvlies bevindt. Bij groei van de tumor kan het netvlies daarom losraken. Dit leidt vaak tot een acute stoornis van het zien. Afhankelijk van de grootte van de tumor worden vaatvliesmelanomen afwachtend geobserveerd, danwel radiotherapeutisch of radiochirurgisch behandeld. Bij zeer grote, hoogprominente vaatvliesmelanomen, moet vaak een enucleatie (verwijdering van het getroffen oog) plaatsvinden. Een alternatief hiervoor is de mogelijkheid van een radiochirurgische behandeling met de Gamma Knife. Hierdoor kan het oog in veel gevallen worden gespaard. De indicaties voor radiochirurgie wordt uitsluitend interdisciplinair met een gespecialiseerd oftalmologisch centrum gesteld. De beste resultaten worden momenteel bereikt met onmiddellijk aansluitende endoresectie van de radiochirurgisch geïnactiveerde tumor.

Welke therapie voor de patiënt in aanmerking komt wordt door de behandelend oogarts bepaald.

Omdat voor de behandeling extra fixatie van de ogen noodzakelijk is, wordt de radiochirurgische behandeling vaak samen met de oogarts uitgevoerd. De oogarts verdooft de ogen met een lokaal verdovingsmiddel. Hierdoor worden de oogspieren tijdelijk verlamd en kunnen de ogen tijdens de Gamma Knife behandeling niet bewegen. Na 2-3 uur verliest het verdovingsmiddel zijn werking en functioneert het oog weer normaal.

De nacontrole wordt door de oogarts gedaan.

Vanwege de stralingsgevoeligheid van de ooglens kan een laat gevolg van de behandeling vertroebeling van de ooglens (staar) zijn. Gezien de huidige stand van zaken in de oogchirurgie is deze bijwerking door middel van een korte poliklinische ingreep weer op te heffen. Naast deze bijwerking kunnen ook netvlies- en gezichtszenuwbeschadigingen optreden.